Autikracht: begeleiding op maat, presentaties en voorlichting.

Weerstand bij autisme

  Gepost op   door   Geen reacties

Weerstand bij autisme

 

Weerstand: volhouden en consequent blijven

Onderstaand gesprek komt voort uit onze zorg als ouder voor ons kind dat maar niet in beweging wil komen. Zelfs in de kinderwagen huilde hij al als we gingen wandelen. Sindsdien is bijna iedere vorm van bewegen een probleem, zeker in een groep, en we maken ons zorgen over zijn lichamelijke gesteldheid. Dus soms zetten we door. De vraag is wie we hier een plezier mee doen en hoeveel zin het heeft? Onderstaande is ook een voorbeeld van een ‘normale’ weerstand en een ‘normale’ energie die we moeten stoppen in iets wat hij niet wil (of niet kan?).

J…

J!

Jaha?

Over 5 minuten gaan we rennen. (Vooruit kijken en verwerkingstijd geven)

… (stilte)

Dat hadden we afgesproken, dus trek je sportkleren aan, over 5 minuten gaan we rennen.

(Ik geef toe: dit was niet ergens gevisualiseerd. Een van de basishandvaten bij autisme om weerstand te helpen voorkomen)

… (weer stilte)

Kom, trek je sportkleren aan, we gaan rennen.

(Flink gekreun en gesteun) Waarom?

Omdat we dit afgesproken hebben. Hup. Sportkleren aan. Nu. (Consequent en duidelijk zijn)

(We lopen in sneller wandeltempo naar de plek toe waar we altijd beginnen met rennen. Hier kan Elsa, onze hond, ook los. Tijdens het lopen blijven de vragen naar het waarom)

Waarom gaan we rennen?

We blijven allebei ziekig, we hebben allebei te weinig weerstand. Rennen/ sporten helpt je weerstand te verhogen. Dat is nodig. En anders lig jij de hele dag op de bank filmpjes te kijken.

Waarom doen we het ’s morgens?

Omdat je vrij hebt en je ’s morgens meer energie hebt.

Ik vind het zielig voor Elsa dat ze zo aan de riem moet mee rennen.

Dat is niet zielig.

Maar dan kan ze niet plassen.

(Prompt begint ze te plassen op een grasveldje, dat is haar plekje)

(We gaan rennen, heel bewust heel kleine stukjes om erin te komen, 10x 1 minuut rennen, afgewisseld met 10x 1 minuut lopen)

Denk eraan: lijf lang maken, denk aan je ademhaling en rustig beginnen. Start.

Ik heb het koud

Mijn benen doen pijn

Mijn oren doen pijn!

Nog 20 sec. denk aan je ademhaling.

Aah! (Gefrustreerd, boos)

(Zelf niet gefrustreerd raken en boos worden, volhouden en duidelijk en consequent blijven)

De minuut is voorbij, je kunt lopen. 1 minuut.

Minuut 2. Go.

Ik had niet moeten eten.

Ik ben misselijk.

Ik ga litterly over mijn nek.

Doorzetten, nog 26 sec. Je kan het!

I hate this. Waarom doen we dit?

En loop.

Minuut 3. Go.

Mijn benen! Ik houd het niet meer.

Ik stort in elkaar. Elsa waar ben je? Elsa! Kom! Kom puppy.

(Neemt een sprintje met de hond)

Ooh, hoe lang nog?

5.4.3.2.1. Loop.

Denk aan je ademhaling.

Nu 2 minuten, we gaan rechtdoor, daar het heuveltje op en daarna draaien we om naar huis. Je doet het heel goed. (Positief blijven, complimenten geven, soms is dat even doorzoeken als je je eigenlijk rot ergert)

Minuut 5. Go.

Heuveltje op, houd je lang, leun wat voorover, laat je lichaam het werk doen. Adem langer uit dan in.

Ik wil niet meer, ik kan dit niet. Ik wil naar huis, dit is te zwaar.

Je kan het, kom op, we zijn er bijna.

  1. 9. 6. 3. 1. Goed zo!

Nu heuvel af, wordt een makkie.

My legs hurt and this is torture

Kom, we maken daar een renliedje van. Als je goed rent kun je ondertussen praten.

Minuut 7. Go.

(Ik begin te ‘zingen’/ scanderen) (Beetje ‘lichter’ maken door humor)

MY LEGS HURT

AND THIS IS TORTURE

Hahahaha.

And I like Elsa, she is cute

AND I LIKE ELSA

SHE IS CUTE

Hahahaha

En loop.

Minuut 8. Go.

MY LEGS HURT

AND THIS IS TORTURE

AND I LIKE ELSA

SHE IS CUTE

 

Minuut 10. Go.

(Tijdens het rennen) Weet jij wanneer de Nintendo uit is gekomen? Want nu is de … uit. Dus dat is al zoveel jaar geleden en nu… blablabla.

Zie je wel dat je het kan. Je hebt nu meer adem dan ik.

Ja, dat komt omdat ik nog jong ben, jij bent al ouder. (En bedankt 🙂 En ik fiets altijd naar school. En dit is best leuk eigenlijk.

Ja, dat zeg je iedere keer als we dit doen. Misschien kun je het onthouden voor de volgende keer, hoef je niet te mopperen en te klagen. En je weet nu dat die lichamelijke gevoelens normaal zijn in het begin van het rennen. Maar dat gaat steeds beter.

 

Thuis:

Ik heb een adrenaline rush door het rennen. Best lekker eigenlijk.

Mooi, kun je dat gebruiken om na het douchen de afwasmachine leeg te ruimen 😉

 

 

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik hierna niet meer met hem gerend heb. Hij fietst naar school en heeft daar gym. Soms moet je de ‘gevechten’ zorgvuldig kiezen. Als je al zoveel geprobeerd hebt is het misschien soms beter sommige zaken te laten rusten en te focussen op zaken die hem ook veel moeite kosten, maar nu meer prioriteit hebben. Zoals bv. zijn weerstand tegen huiswerk en zijn moeite zich staande te houden op school. Dit kost hem ook ontzettend veel energie.

 

 

 

 

 

 

Reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.